Hoe ga je als provincie versneld naar een aardgasvrije voorraad en een duurzame energietransitie? Over deze vraag heeft de bouw-, vastgoed- en corporatiesector zich gebogen tijdens het jaarlijks terugkerende Duurzaam Gebouwd Congres. Dit jaar met de gemeente Haarlemmermeer en de provincie Noord-Holland als samenwerkingspartners. Want de provincie weet; als we van het gas af willen zullen we dat samen moeten organiseren. Een uitgelezen kans voor het Servicepunt Duurzame Energie om de bouw- en vastgoedsector mee te nemen in thema’s waar elke bouwer de komende 10 jaar gegarandeerd mee te maken krijgt. Ook tekenden 25 gemeenten van de Metropoolregio Amsterdam de intentieverklaring aardgasvrije nieuwbouw. lees daarover hier meer.

Maar eerst wat anders. Er zijn namelijk een aantal partijen in het zonnetje gezet op het congres. Want minstens zo belangrijk: vooruitstrevende partijen verdienen erkenning en inspireren anderen. In november 2017 deed het Servicepunt de oproep om partijen te nomineren voor de Duurzaam Bouwen Awards. Welke Noord-Hollandse partijen hebben mogen stralen op het podium? In de categorie “Meest duurzame woningcorporatie” is Woonwaard genomineerd voor deze award, als initatiefnemer van Stroomversnelling en door het grote aantal naar nul-op-de-meter (NOM) gerenoveerde woningen. Maar helaas voor hen ging Woonstrichting ‘thuis er met de award vandoor. In de categorie “Meest Duurzame gemeente” spande het erom tussen Amsterdam, Haarlemmermeer en het Friese Ooststellingwerf. Haarlemmermeer is als winnaar uit de bus gekomen. Zij werden geprezen om hun brede aandacht voor het integraal vervullen van duurzaamheid, ook in de communicatie hiervan en opschaalbaarheid.

De adviseurs van het Servicepunt waren tijdens het congres aanwezig en verzorgden drie themasessies. Servicepuntadviseur Ingrid Giebels heeft het verhaal verteld over “sturen op temperatuur”. Het verduurzamen van woningen betekende altijd het toepassen van energiebesparende maatregelen in lijn met stap 1 van de Trias Energetica. Echter, met aardgasvrij als doelstelling kunnen we woningen nu nog gerichter verduurzamen. Isoleren krijgt prioriteit, want duurzame bronnen gaan in de toekomst woningen op lage(re) temperatuur verwarmen. Dit in tegenstelling tot de HR-ketel die woningen altijd warm kan krijgen met watertemperaturen tot 90oC. Dit biedt kansen voor de bouw: het betekent dat er bij verbouwingen aanvullend isolatiemaatregelen kunnen worden verkocht. Dit heeft Glen Bosman (Consolidated) namens de Dakpartners van woningcorporatie Ymere voor het publiek concreet gemaakt met het “Duurzame daken project”: 40 platte daken (in totaal 60.000 m2) van bestaande complexen van Ymere zijn inmiddels tijdens onderhoud met Rc-waarde 6,0 geïsoleerd, een veel dikker pakket dan eerst was beoogd. Hiermee zijn deze daken transitiegereed. Een modulaire aanpak waarbij later de gevel aangepakt kan worden en als laatste de installatie.

 

Om te kunnen sturen op temperatuur, moeten woningeigenaren wel over de financiële ruimte beschikken om de investering te dragen. Of hoeft dat niet per sé? Kunnen ook anderen de voorfinanciering dragen? Het Rijk zet in op objectgebonden financiering. Dit wordt gezien als het ei van Columbus, want dat zou betekenen dat banken, pensioenfondsen en ESCo’s kunnen investeren in de woningen van eigenaren met een minder grote beurs. Maar wat is er nu al mogelijk? En wat moet er gebeuren om objectgebonden financiering breed toepasbaar te maken? Servicepunt-adviseur Maarten van Poelgeest had de kans om deze vragen te stellen, tijdens een panelgesprek met Jan Pieter Postma van de Triodos bank en Wethouder Bert van der Meij van de gemeente Westvoorne. Lees hier meer over.

En we presenteerden nog een derde themasessie. Want na het financieren en installeren van duurzame maatregelen, moeten we ook nog garanties leveren op deze techniek. Net zoals een HR-ketel, moet ook de warmtepomp blijven functioneren gedurende een realistische periode van gebruik. In de nieuwbouw staat nu al druk het aanbod van partijen die deze prestatiegaranties kunnen leveren. Servicepuntadviseur Yannick Lataster ging samen met Teun Vercauteren van Eteck hierover het gesprek aan met de bouwers in het publiek. De lesson learned? Uiteindelijk moeten bouwers in samenwerking met energiebedrijven, netbeheerders, financiers en exploitanten de woningeigenaar volledig kunnen ontzorgen in het bouwen en bewonen van een all-electric woning.

Lees het hele verslag van het Duurzaam Gebouwd Congres hier.

Categorieën: Nieuws