Naast techniek, betaalbaarheid, draagvlak en uitvoeringskracht, speelt ook de transportcapaciteit op het elektriciteitsnet een steeds bepalendere rol bij de warmtetransitie. Is er voldoende ruimte op het net? Ook in Noord-Holland, waar netcongestie grote gevolgen heeft voor woningbouw, verduurzaming en economische ontwikkeling, wordt die vraag steeds bepalender voor de planning van projecten. ¹
Met het ACM-prioriteringskader krijgen projecten met een groot maatschappelijk belang onder voorwaarden een hogere positie op de wachtlijst. Gemeenten krijgen daardoor te maken met spelregels voor projecten die extra transportcapaciteit vragen, zoals woningbouw, onderwijshuisvesting, warmtevoorziening, all-electric buurten en andere projecten die afhankelijk zijn van elektriciteit.
Het ACM-prioriteringskader in het kort
Voor het ACM-prioriteringskader behandelde de netbeheerders aanvragen conform het ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt’-principe. Voor kleinverbruikers gold een aparte regeling. Dit verandert door de komst van het prioriteringskader. Het ACM-prioriteringskader bepaalt hoe netbeheerders moeten omgaan met aanvragen voor transportcapaciteit wanneer het elektriciteitsnet vol zit. Voor grootverbruikers geldt sinds 1 januari 2026 het nieuwe maatschappelijk prioriteringskader in congestiegebieden. De volgorde waarin de capaciteit wordt vrijgegeven bepaalt het ACM. In het prioriteringskader zijn drie groepen aangewezen die maatschappelijke prioriteit kunnen krijgen:
- Projecten die bijdragen aan congrestieverzachting.
- Veiligheidsfuncties, zoals ziekenhuizen, hulpdiensten, defensie en vitale infrastructuur.
- Basisvoorzieningen, zoals woningbouw, scholen en OV.
Voor kleinverbruik is de werkwijze sinds 1 juli 2026 veranderd: vanaf toen kwamen kleinverbruikers in congestiegebieden, net als grootverbruikers, op een integrale wachtlijst. Het verschil voor grootgebruikers is dat ze niet meer apart op een wachtlijst staan, ze komen samen met kleinverbruikers op één wachtlijst. Binnen die wachtlijst kunnen projecten met maatschappelijke prioriteit (zoals vastgesteld door de ACM) hoger worden geplaatst, zolang aan de voorwaarden en bewijsstukken wordt voldaan. Daarnaast wordt de volgorde ook bepaalt door de datum waarop je de aanvraag indient. Netbeheerders zijn verplicht dit kader toe te passen in congestiegebieden. Liander benadrukt dat maatschappelijk prioriteren de congestieproblematiek niet oplost. Het bepaalt alleen wie eerder in aanmerking komt wanneer er capaciteit beschikbaar komt. ³
De ACM onderscheidt drie hoofdcategorieën in de prioritering:
- Congestieverzachter: Wanneer er wordt bijgedragen aan meer ruimte op het elektriciteitsnet, bijvoorbeeld door flexibiliteit te leveren of piekbelasting te verminderen.
- Veiligheid: Denk aan functies zoals gezondheidszorg, veiligheidsdiensten, drinkwatervoorziening, verkeersveiligheid en waterbeheer.
- Basisbehoeften: Hieronder vallen onder andere onderwijs, openbaar vervoer, telecommunicatie, warmtevoorziening en woonbehoeftes. ⁴
Voor gemeenten ligt de focus op die derde categorie. Woningbouw, scholen en warmtevoorziening kunnen dus onder voorwaarden prioriteit krijgen. Maar ook met prioriteit blijft de beschikbaarheid van capaciteit op het lokale net bepalend.
Netcongestie in Noord-Holland
Het hoogspanningsnet zit in heel Noord-Holland aan de maximale capaciteit voor afname van stroom door een sterk groeiend aantal aanvragen voor het aansluiten van laadpalen, warmtepompen, de komst van nieuwe datacenters en verduurzamingsinitiatieven van de industrie. Ook een groot deel van het hoogspanningsnet boven het Noordzeekanaal heeft de maximale capaciteit voor grootschalige teruglevering van elektriciteit bereikt. ⁵ Dat is te zien aan het feit dat delen van IJmuiden rood kleuren in de Capaciteitskaart elektriciteitsnet, maar delen van Zaanstad en Waterland niet.
Wat betekent het prioriteringskader voor de warmtetransitie in Noord-Holland?
De warmtetransitie vraagt op veel plekken meer elektriciteit. Dat maakt het ACM-prioriteringskader relevant voor warmteprogramma’s. Het kader dwingt tot een scherpere vraag: welke warmteoplossing past in deze wijk, op dit moment, binnen het lokale en regionale elektriciteitssysteem? Daarbij noemt Netbeheer Nederland het netefficiënt installeren van warmtepompen en de inzet van hybride warmtepompen expliciet als onderdelen van het maatregelenpakket om de congestie te verlichten.
All-electric: niet onmogelijk, wel gebiedsspecifieker
All-electric blijft in veel wijken een logische route richting aardgasvrij verwarmen. Denk aan individuele warmtepompen en kleinschalige bronnetten. Voor gemeenten is afstemming met de netbeheerder over de beschikbare netcapaciteit essentieel, zowel bij het opstellen van warmteprogramma’s als bij de uitwerking in wijkuitvoeringsplannen. Vaak kan er op een bestaande huisaansluiting nog wel iets, maar als veel woningen tegelijk overstappen op warmtepompen, elektrisch koken en laadpunten, neemt de piekbelasting in de wijk snel toe en kan het elektriciteitsnet alsnog in de knel komen. Sinds 1 juli 2026 komen ook kleinverbruikers in congestiegebieden op een integrale wachtlijst wanneer extra capaciteit nodig is; aanvragen met maatschappelijke prioriteit kunnen daarbij eerder aan de beurt zijn dan aanvragen zonder prioriteit.
Het prioriteringskader maakt all-electric dus niet onmogelijk, maar vraagt wel om een netbewuste en gefaseerde aanpak: waar is capaciteit beschikbaar, waar kan isolatie de piekvraag beperken, wanneer is een hybride tussenstap verstandig en waar ligt een collectieve warmteoplossing meer voor de hand?
Warmtenetten: prioriteit mogelijk, maar niet automatisch de hoogste categorie
Ook collectieve warmteoplossingen raken aan het prioriteringskader. Warmtenetten vallen onder de categorie 3 basisbehoeften, maar worden niet automatisch gezien als congestieverzachters. Een warmtenet kan dus onder voorwaarden maatschappelijke prioriteit krijgen, maar komt niet vanzelf in de hoogste prioriteitscategorie terecht.
Dat onderscheid is belangrijk. Een warmteproject kan maatschappelijk belangrijk zijn, maar toch extra elektriciteitsvraag veroorzaken, bijvoorbeeld door collectieve warmtepompen, hulpenergie of piekvoorzieningen.
Woningbouw: eerder aanvragen wordt cruciaal. De provincie ondersteunt gemeenten.
Het prioriteringskader raakt ook woningbouw. De provincie Noord-Holland heeft aangekondigd gemeenten te ondersteunen bij het aanvragen van netaansluitingen voor woningbouw. Vanaf 1 oktober 2026 kunnen gemeenten via de methode ‘Eerder aanvragen’ netcapaciteit aanvragen voor woningbouwplannen en scholen tot maximaal 10 jaar vooruit. Nieuwbouwwijken zijn altijd aardgasvrij en vragen dus elektriciteit voor verwarming, koken, ventilatie, laadinfra en voorzieningen. Als netcapaciteit niet tijdig wordt aangevraagd door de ontwikkelaar, kan een duurzaam woningbouwproject vertragen. De warmtetransitie en woningbouwprogrammering moeten dan ook nauw op elkaar worden afgestemd. Dit geldt voor het gehele energiesysteem en de sociaaleconomische ontwikkelingen per gemeente, per regio en per provincie. Het is belangrijk om te sturen op een integraal energiesysteem.
Van warmteplanning naar netbewust programmeren
De belangrijkste verandering voor gemeenten is dat de warmtetransitie steeds meer vraagt om netbewust programmeren. Dat betekent dat gemeenten hun warmteplannen niet alleen baseren op de beste warmteoplossing per wijk, maar ook op de beschikbare en toekomstige capaciteit van het elektriciteitsnet. Concreet kan dit vragen om vier stappen:
1. Breng alle relevante projecten in beeld
Maak een overzicht van woningbouw, scholen, maatschappelijk vastgoed, warmtenetten, all-electric buurten, laadinfra en verduurzamingsprojecten die extra netcapaciteit vragen.
Goed om rekening meer te houden met eerder aanvragen per 1 oktober 2026 voor zowel woningbouw als scholen. De VNG adviseert gemeenten om, ondanks de risico’s, toch gebruik te maken van de mogelijkheid tot eerder aanvragen.
2. Koppel projecten aan de juiste prioriteitscategorie
Valt een project onder congestieverzachting, veiligheid of basisbehoeften? Dan heeft het mogelijk een prioritaire status en komt het hoger op de wachtlijst.
3. Verzamel tijdig bewijsstukken
Voor maatschappelijke prioriteit moeten organisaties aantonen dat zij aan de voorwaarden voldoen. Liander geeft aan dat aanvragen gekoppeld moeten zijn aan een transportaanvraag en dat bewijsstukken nodig zijn voor categorie 2 en 3. ³ De bewijslast hiervoor is per categorie vastgelegd in het prioriteringskader van de ACM. Deze kun je bekijken in op pagina 11 van het besluit van de ACM, Tabel 4 – benodigde bewijsstukken in categorie 2 en 3 (op alfabetische volgorde van (sub) functie)
4. Maak warmtekeuzes specifiek per gebied
All-electric kan passend zijn in de ene wijk, terwijl een warmtenet, bronnet, hybride route of gefaseerde aanpak logischer is in een andere wijk. Dit komt terug in de warmteprogramma’s die iedere gemeente voor eind 2027 vastgesteld moet hebben. Netcapaciteit hoort onderdeel te zijn van die afweging, maar hoeft niet op de lange termijn de bepalende factor te zijn als er naar slimme oplossingen en het flexibel maken van energiesystemen wordt toegewerkt.
Congestie stopt niet bij de gemeentegrens. Netbewust programmeren is omvangrijk en komt onder andere voort uit het Landelijk actieplan netcongestie van Netbeheer Nederland.
Niet alleen sneller aansluiten, maar slimmer kiezen
Het ACM-prioriteringskader lost netcongestie niet op, maar maakt wel scherper zichtbaar waar de schaarste raakt. Netcongestie raakt grootzakelijke aansluitingen, maar kan ook gevolgen hebben voor woningbouw, warmtepompen, laadinfra en verduurzaming in de gebouwde omgeving. Daarmee wordt netcapaciteit een belangrijke randvoorwaarde bij lokale warmte- en verduurzamingsplannen.
Vanuit het SPDE zien we dat gemeenten behoefte hebben aan intensievere samenwerking en informatie-uitwisseling met Liander. De komende tijd besteden we hier extra aandacht aan, onder meer via een sessie met Liander en in nauwe afstemming met de regioregisseurs.
1 Energieregio Noord-Holland, Netcongestie in Noord-Holland vraagt om scherpe keuzes, https://energieregionh.nl/nieuws/stroomnet-onder-druk-netcongestie-in-noord-holland-vraagt-om-scherpe-keuzes
2 Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie, Netcongestie, https://www.nplw.nl/all-electric-warmtepomp/netcongestie
3 Liander, Maatschappelijk prioriteren voor grootzakelijke klant, https://www.liander.nl/grootzakelijk/energietransitie/maatschappelijk-prioriteren
4 Stedin, Nieuwe prioriteringskader ACM: regels voor prioriteit bij vol stroomnet, https://www.stedin.net/over-stedin/pers-en-media/persberichten/nieuwe-prioriteringskader-acm-regels-voor-prioriteit-bij-vol-stroomnet
5 Tennet, Congestieonderzoek Noord-Holland, https://tennet-drupal.s3.eu-central-1.amazonaws.com/default/2026-01/Congestieonderzoek%20Noord%20Holland%20afname%20Herijking%202026%20v2.pdf
6 Provincie Noord-Holland, Provincie helpt gemeenten bij aanvragen netcapaciteit voor woningbouw, https://www.noord-holland.nl/Actueel/Archief/2026/April_2026/Provincie_helpt_gemeenten_bij_aanvragen_netcapaciteit_voor_woningbouw
7 Ce Delft, Impact van de warmtetransitie op het lokale elektriciteitsnet, https://vng.nl/sites/default/files/2023-07/onderzoek_impact_warmtetransitie_elektriciteit_buurten.pdf
