Het Nationaal Warmtenet Trendrapport 2026 is gepubliceerd. Het rapport, opgesteld door Berenschot in opdracht van Stichting Warmtenetwerk en het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW), geeft een actueel beeld van de ontwikkeling van warmtenetten in Nederland. De hoofdboodschap: er is veel beweging in de warmtesector, maar de opschaling blijft achter.
De inzichten uit het rapport zijn gebaseerd op onder andere enquêtes onder bewoners, gemeenten, warmtebedrijven en woningcorporaties. In totaal deden 44 gemeenten, 26 woningcorporaties, 5 warmtebedrijven en 2.850 huishoudens met een (grote) warmtenetaansluiting mee.
Belangrijkste inzichten uit het rapport
Warmtenetten worden steeds vaker gezien als onderdeel van een breder energiesysteem. Gemeenten werken aan warmteprogramma’s, maken keuzes over collectieve en individuele warmteoplossingen en moeten die keuzes steeds vaker verbinden met netcongestie, infrastructuurkosten en beschikbare warmtebronnen. Het rapport laat zien dat 42% van de gemeenten wel nadenkt over systeemintegratie, maar dat dit nog niet structureel gebeurt. Juist die integrale afweging wordt steeds belangrijker.
Een tweede belangrijk inzicht is dat het aantal warmtenetaansluitingen licht groeit, maar dat de bestaande bouw de grootste uitdaging blijft. In de pijplijn zitten landelijk ongeveer 150 warmtenetprojecten, samen goed voor naar schatting meer dan 560.000 geplande aansluitingen. Tegelijkertijd is 37% van de recent opgepakte projecten vertraagd of stopgezet. De stap van plan naar uitvoering vraagt dus om stevige randvoorwaarden: financiering, betaalbaarheid, samenwerking, draagvlak en uitvoeringskracht.
Het rapport wijst ook op een duidelijke verschuiving in de sector. Lage- en zeerlagetemperatuurnetten winnen terrein, net als publieke eigendomsvormen en een bredere mix aan duurzame bronnen, zoals geothermie, aquathermie, bodemenergie, zonthermie en WKO. Ook dat sluit aan bij de vragen waar Noord-Hollandse gemeenten voor staan: wanneer is een groot warmtenet kansrijk, wanneer ligt een kleinschalig warmtenet of bronnet meer voor de hand, en hoe verhouden deze opties zich tot all-electric oplossingen? Het SPDE ondersteunt gemeenten precies bij dit soort afwegingen, onder meer via de actielijnen grootschalige collectieve warmtenetten, kleinschalige warmtenetten en all-electric en bronnetten.
Het beeld dat bewoners met een warmtenetaansluiting negatief zijn, leeft sterk. Van de ondervraagde bewoners is 67% echter tevreden of neutraal. 76% van de bewoners ervaart betaalbaarheid als grootste knelpunt. Voor bewoners gaat het uiteindelijk over kosten, zekerheid, keuzevrijheid en vertrouwen. Goede communicatie en participatie zijn geen sluitstuk van een project, maar een randvoorwaarde om verder te komen.
Ondersteuning vanuit het SPDE
Het rapport beschrijft ook wat gemeenten in Nederland als grootste knelpunten ervaren. Daarbij komen thema’s naar voren zoals acceptatie bij bewoners, financiering van projecten, onzekerheid over regelgeving, tekort aan gespecialiseerde kennis, technische uitdagingen, samenwerking tussen partijen, politiek draagvlak en vergunningen. Op veel van deze thema’s kan het SPDE gemeenten in Noord-Holland ondersteunen. Bijvoorbeeld door mee te denken over:
- de haalbaarheid van collectieve warmteoplossingen;
- technische keuzes en ruimtelijke inpassing;
- businesscases en financieringsmogelijkheden;
- participatie- en communicatieaanpakken;
- samenwerking met bewoners, woningcorporaties, warmtebedrijven en netbeheerders;
- het vertalen van landelijke ontwikkelingen naar de gemeentelijke praktijk.
Loop je bijvoorbeeld vast op financiering? SPDE-expert Teun Bokhoven kan meedenken over publieke financiering, subsidies, schaalvergroting en de financiële randvoorwaarden voor warmteprojecten. Heb je een vraag over techniek, bronnen, netten of ruimtelijke inpassing? Dan kun je terecht bij Thijs Boxem, of een van onze experts binnen Haskoning, Fakton of CE Delft.

Thijs werkt aan de integrale kant van de warmtetransitie: van de keuze en mix van warmtebronnen tot de samenwerking tussen publieke en private partijen. Hij helpt gemeenten de complexiteit van de warmtetransitie te vertalen naar heldere stappen en realiseerbare plannen, altijd met aandacht voor samenhang, draagvlak en effectieve governance.
Expertises
Warmtetransitie-strategie en uitvoering
Collectieve warmteoplossingen

Teun is ook voorzitter van Stichting Nieuwe Warmte Nu, een programma waarmee de aanleg van duurzame collectieve warmtesystemen – warmtenetten – wordt versneld zodat tienduizenden woningen en gebouwen in Nederland van het aardgas af kunnen. Zijn kracht ligt in het verbinden van politiek, bestuur en praktijk, en het ontwikkelen van bestuurlijke consistentie zodat transitieopgaven concreet en breed gedragen worden aangepakt.
Expertises
Bestuurlijke verbinding en verankering
Systeemdenken in de energietransitie
Publiek-private coalitievorming
Het SPDE kan ook helpen bij participatie- en communicatievraagstukken. Bijvoorbeeld met advies over participatieaanpakken, het scherp krijgen van participatieruimte, het organiseren van gesprekken met bewoners, en het vertalen van technische keuzes naar begrijpelijke communicatie. Recent ontwikkelde het SPDE ook een Factsheet Participatie en Communicatie en een participatiekaartenset. Deze hulpmiddelen helpen gemeenten om participatie niet los te zien van de inhoudelijke keuzes, maar juist te verbinden aan de fase van het project, de ruimte voor invloed en de vragen die leven bij bewoners.
